Witte Dovenetel 24 april 2026
Zacht vrouwenkruid
Ik maak vandaag weer een wandeling langs de weiden die in het dal liggen. Ik ga namelijk op zoek naar de Dovenetel en de Smalle Weegbree om hier een hydrolaat van te destilleren. Vooral in het vroege voorjaar zitten kruiden boordevol heilzame stoffen en zijn ze jong en fris. Later in het jaar worden planten wat taaier en vezeliger. De Smalle Weegbree houdt van de zon en vind je vooral in de wei, in bermen en op taluds. De Dovenetel houdt van de halfschaduw en kom je eerder tegen langs de rand van de wei op beschutte plekken en langs bosranden. Het bijzondere aan de witte Dovenetel (Lamium album) is dat ze in het voorjaar al vroeg in april bloeit en doorbloeit tot in oktober. Ze is een belangrijke nectarbron voor hommels en bijen. Dovenetels bloeien vroeg in het seizoen (soms al vanaf maart) en bieden een rijke voedselbron wanneer er nog weinig andere bloemen beschikbaar zijn. Hommels kunnen op twee manieren bij de nectar in de Dovenetel komen, afhankelijk van de lengte van hun tong. Hommels met een lange tong kruipen in de buisvormige bloem en zuigen de nectar op uit de basis van de bloem. Terwijl ze dit doen, komt er stuifmeel op de rug van de hommel, die deze meeneemt naar de volgende bloem en zo zorgt voor kruisbestuiving. Hommels met een kortere tong, zoals de aardhommel, kunnen de nectar in de diepe bloemkroon niet bereiken. Zij bijten een gat in de zijkant van de bloemkelk om bij de nectar te komen.
Wanneer de jonge planten nog geen bloemen hebben, lijken ze sterk op de gewone Brandnetel maar ze hebben geen vervelende brandharen. De hele plant is wel fijn behaard en voelt zacht aan wanneer je over de bladeren aait. Zelfs de rand van de kelkbladeren is licht behaard. Zodra de planten iets groter worden zie al kleine bloemkoppen in de bladoksels en kun je de Dovenetel beter van de Brandnetel onderscheiden. Het duurt niet lang voordat ze in bloei komen en je de Dovenetel probleemloos kunt identificeren. Aan de vorm van de bloemen kun je meteen afleiden dat de Dovenetel lid is van de familie van de lipbloemen. Tot deze grote plantenfamilie behoren veel heilzame planeten als Salie, Rozemarijn, Melisse, Munt en Oregano evenals de grote en kleine Brandnetel.
De Witte Dovenetel is een waardevolle plant die bekend staat om zijn ontstekingsremmende en samentrekkende werking. Het wordt vooral beschouwd als een klassieke medicinale plant binnen de gynaecologie voor problemen als een witte afscheiding en menstruatiekrampen en voor de verzorging van het slijmvlies van de vagina. Hiervoor worden zowel de bloemen als het hele bloeiende kruid gebruikt maar aan de bloemen wordt grootste heilzame werking toegeschreven waar het gaat om de verzorging van het vaginale slijmvlies, problemen met witte vloed en menstruatiekrampen. Voor deze klachten kan zowel inwendig als uitwendig in de vorm van zitbaden, gebruik worden gemaakt van een thee. Deze dient over langere tijd gebruikt te worden.
Een thee van de witte Dovenetel wordt traditioneel ook ingezet bij luchtwegaandoeningen (hoest, bronchitis en verkoudheid), maag-darmklachten, huidproblemen als jeuk, ontstekingen, zweren, eczeem en slecht helende wonden, of als mondspoeling bij ontstekingen van de mond- en keelholte. Bij huidproblemen kan een thee-infusie uitwendig als kompres of zitbad worden gebruikt. Bäumler vermeldt in zijn boek "Heilpflanzenpraxis Heute" dat een thee uit de witte Dovenetel in de volksgeneeskunde ook werd ingezet als slaap- en zenuwmiddel en bij een onregelmatige menstruatie, sterke menstruatiekrampen en overgangsklachten. Hij verwijst hierbij met name naar het gebruik van de bloemen. De Commissie E onderschrijft het gebruik van de Dovenetelbloemen voor ontstekingen van de bovenste luchtwegen, ontsteking van het slijmvlies van de mond- en keelholte evenals voor niet-specifieke fluor albus (witte vloed) en lichte oppervlakkige ontsteking van de huid.
Voor het maken van een thee (infusie) neem je 1 g bloemen en 150 ml gekookt water. De thee laat je 5 minuten trekken en je kunt hiervan 3 koppen per dag nemen. Deze thee-infusie kan ook worden gebruikt voor spoelingen en vochtige kompressen. Voor een zitbad worden 5 g Dovenetelbloemen gebruikt. Je kunt ook gebruik maken van het hele kruid.
Ik ga van het bloeiende kruid een hydrolaat ga maken. Het hydrolaat van de witte Dovenetel heeft een milde ontstekingsremmende en een verzachtende werking op de huid en de slijmvliezen en werkt kalmerend bij een geïrriteerde huid. Het kan worden gebruikt bij eczeem en jeuk en als tonic bij een onzuivere of vette huid. Inwendig als gorgeldrank kan een hydrolaat helpen bij keelontsteking, heesheid of aandoeningen aan de stembanden. Bovendien werkt het als spray vekoelend tijdens warme dagen. Hydrolaten zijn ook prachtige kruidenwaters om verder te verwerken in natuurcosmetica in plaats van gewoon water. Zo geef je aan een crème, lotion, shampoo, leave-in, douche-gel, aftershave of fluid extra waardevolle stoffen mee. Hoewel hydrolaten zeer veilig zijn in gebruik, is het aan te raden dit altijd eerst uit te testen op een klein stukje huid om allergische reacties uit te sluiten.
Tijdens de wandeling heb ik niet alleen witte Dovenetel maar ook nog Smalle Weegbree gevonden. Een deel hiervan droog ik voor thee een ander deel gebruik ik om er een hydrolaat van te maken. Wil je meer lezen over de Smalle Weegbree en haar geneeskrachtige werking, kijk dan onder het kopje medicijnplanten bovenin de menubalk of klik hier.
Ik heb zelf een koperen destille om kruiden te kunnen destilleren maar mocht je dit thuis niet tot je beschikking hebben, kun je het ook proberen met een pan met gaarinzet. De pan sluit je af met een grote ronde metalen schaal die je vervolgens vult met ijs of koud water. Het destilleerproces met een destille heb ik uitvoerig beschreven op de pagina extractiemethoden onder het kopje "destilleren van etherische olie".
Ik heb uitgeprobeerd hoe het werkt om met een pan te destilleren. Het destilleren met een pan is eenvoudiger maar de samenstelling en de geur van het hydrolaat is wel iets anders dan bij een koperen destilleerketel. Het schijnt dat koper
de geurkwaliteit verbeterd en een frisser, natuurlijker en verfijnder aroma produceert. Dit komt doordat koper reageert met zwavelverbindingen die vrijkomen uit planten, waardoor ongewenste, muffe geuren worden verwijderd. Het resultaat is een 'zoeter' en schoner hydrolaat of etherische olie. Daarnaast heeft Koper heeft van nature een bacterieremmende werking, wat leidt tot zuiverdere hydrolaten die vaak langer houdbaar zijn. Tenslotte geleid Koper de warmte beter dan roestvrij staal wat zorgt voor een gelijkmatige verwarming en de essentiële oliën niet vernietigd worden door oververhitting.
Het klopt dat het hydrolaat uit de koperen ketel een fijnere geur heeft dan het hydrolaat dat ik met de pan-methode heb verkregen maar ik was aangenaam verrast hoe makkelijk je dit thuis zelf kunt doen. Ik heb zelf een grote pan met gaarinzet. Onderin heb ik 1 liter water gedaan, de gaarinzet erin gedaan en hierop in het midden een schaaltje geplaatst. Daaromheen heb ik de fijn gesneden kruiden gelegd en de pan afgesloten met een grote ronde metalen schaal. Hierin komt koud water (eventueel met ijs). De kookplaat zet je in het begin hoog en kan wanneer je het water hoort koken wat lager gezet worden. Tijdens het destilleren let je er goed op dat het water in de schaal niet te heet wordt. Ik ververs het water iedere keer wanneer het warmer dan handwarm wordt. Gewoon met een bakje het water eruit scheppen en snel nieuw koud water navullen. Na een half uur heb ik in de pan gekeken en zag dat het schaaltje al helemaal vol was. Ik heb het hydrolaat eruit gegoten en het schaaltje nog een kwartier terug in de pan gezet. Omdat het meeste water onderin de pan al verdampt was heb ik hier nog wat water bijgevuld. Let er goed op dat er genoeg water onderin de pan aanwezig is en deze niet droogkookt. Maar ik moet zeggen... experiment geslaagd!
























